Zorg

Zorg 2016-11-21T09:17:35+01:00

Visie over zorg

 

In onze school steven we ernaar om elk kind centraal te stellen. We omringen onze kinderen daarom met brede zorg.  Ieder kind is uniek en heeft vragen of kan moeilijkheden hebben en maakt daarom aanspraak op de nodige zorg. We trachten ons onderwijs zoveel mogelijk af te stemmen op de noden van de kinderen steeds rekeninghoudend met het welbevinden. Het zorgbeleid wordt gedragen door het volledige schoolteam.

Het zorgbeleid van onze school vertrekt vanuit het zorgcontinuüm. We hanteren hiervoor een schooleigen stappenplan (2003).

De klasleerkracht is en blijft de spilfiguur in de zorg voor elk kind van de klas. Klasintern volgt de klasleerkracht alle leerlingen op. Er wordt breed geobserveerd, toetsresultatenworden geanalyseerd. De leerkracht observeert attitudes en heeft aandacht voor welbevinden en betrokkenheid. Er is aandacht voor differentiatie (remediëring en verdieping).

Als de klasinterne differentiatie of andere interventies bij moeilijkheden onvoldoende blijken te zijn, wordt er een zorgvraag gesteld aan de zorgcoördinator. Samen analyseren zij het probleem en worden er afspraken gemaakt over de verdere aanpak. Afhankelijk van de moeilijkheden of de ernst van het probleem gaat men over naar een ander niveau van zorg en wordt er een handelingsplan opgesteld. We werken als school samen met  ouders, CLB of andere externe hulpverleners.

Een leerling kan opgenomen worden in de zorgklas voor individuele ondersteuning. De zorgleerkracht begeleidt leerlingen individueel of in kleine groepjes. Indien een leerkracht de opname in de zorgklas aangewezen vindt, wordt dit aan de zorgcoördinator gemeld en in overleg met de zorgleerkracht wordt besloten of deze leerling extra begeleid zal worden in de zorgklas. De zorgleerkracht handelt steeds in overeenstemming met de gegevens in ZBO. Er is dus een constante en duidelijke wisselwerking tussen de klasleerkracht en de zorgleerkracht. De ouders worden ingelicht.

Op een MDO kan besproken worden of buitenschoolse hulp aangewezen is. Dit kan hulp zijn van logopedist, kinesitherapeut, psycholoog, GON, …. We streven een goede samenwerking met deze mensen of diensten na. Enkel door een gelijkgerichte aanpak kan men tot goede resultaten komen. Er wordt op regelmatige basis een MDO georganiseerd om te evalueren.

 

Indien op een bepaald moment blijkt dat de leerachterstand te groot is, kan het advies gegeven worden om het leerjaar te dubbelen. Dit gebeurt in samenspraak met het CLB.

Anderzijds kan men na langdurige remediëring over verschillende schooljaren en de opname in de zorgklas vaststellen dat de achterstand voor één of meerdere basisvakken meer dan een jaar bedraagt. Dan kan er beslist worden om over te gaan op curriculumdifferentiatie. Dit gebeurt ook weer in samenspraak met de ouders en meestal is CLB dan betrokken partij. Deze vorm van differentiatie gebeurt vnl. vanaf het vijfde leerjaar.

Voor enkele leerlingen blijkt het gewoon onderwijs soms te moeilijk en te hoog gegrepen en dan is een doorverwijzing naar het buitengewoon onderwijs aangewezen. Daar krijgt de leerling onderwijs op maat voor zijn leer- of gedragsstoornis.

Voor leerlingen met een leervoorsprong is er ook de nodige aandacht en zorg. Soms kan de binnenklasdifferentiatie niet meer toereikend zijn en is de leervoorsprong zo groot  dat een leerjaar versnellen tot de mogelijkheden behoort. Voor men tot deze beslissing komt, wordt er een traject afgelegd met de ouders en het CLB.

Voor de hoogbegaafde leerlingen wordt er buiten de binnenklasdifferentiatie en de mogelijkheid tot versnellen wekelijks een kangoeroeklasje georganiseerd. Hierin komen thema’s aan bod binnen de interessewereld van deze kinderen. Maar ook andere vaardigheden, waar deze kinderen het wat moeilijk mee kunnen hebben, worden ingeoefend. De leerlingen worden geëvalueerd voor hun inzet en houding op deze momenten.

Andere zorginitiatieven

In onze school werken we vanaf de kleuterklassen met een digitaal kindvolgsysteem(ZBO). Hiermee houden we de evolutie van de kinderen bij op zowel  cognitief, motorisch als socio-emotioneel vlak. De leerkracht, de directie en de zorgcoördinator hebben altijd toegang tot het KVS.

In de leerlingdossiersin ZBO zijn opgenomen:

–          Testresultaten (LVS-VCLB en AVI voor het lager onderwijs, Toeters voor het kleuteronderwijs)

–          Besprekingen

–          Oudercontacten

–          Multidisciplinair overleg

–          Observaties

–          Screening welbevinden en betrokkenheid

–          Kleutervolgsysteem (algemene ontwikkeling bij kleuters)

–          Rapportgegevens (3x per jaar)

–          Handelingsplannen en Individuele begeleidingen

Er wordt gewerkt aan sociale vaardigheden. Er worden op schoolniveau maandpunten afgesproken en deze maandpunten zijn gelinkt aan de W.O.-methode ‘Open Wereld’ (L.O.) en aan ‘Kinderen met hun sociale talenten’ (K.O.). De aandachtspunten worden bij het begin van de maand met de leerlingen besproken. De leerlingen worden hierop geëvalueerd.

Pesten wordt in onze school aangepakt met de No-Blame methode van Leefsleutels. Leerkrachten maar ook leerlingen kunnen pestgedrag melden. In samenspraak met de zorgcoördinator gaan we over tot het uitvoeren van het stappenplan.

De zorgcoördinator werkt op 3 niveaus nl. op school-, leerkracht- en leerlingniveau. Ze is op geregelde tijdstippen aanwezig in de drie afdelingen. De zorgcoördinator is steeds aanspreekbaar voor leerkrachten maar ook voor ouders en de leerlingen zelf (zie taakomschrijving).

Klasbesprekingen : We streven ernaar om 3x per jaar een overleg te plannen met alle leerkrachten van het lager onderwijs.  In het begin en het midden van het schooljaar na de afname van de LVS-VCLB-toetsen en op het einde organiseren we overgangsgesprekken.  Tijdens dit overleg bespreken we de evolutie van de leerresultaten, de leerhouding en de inzet van alle leerlingen. Maar ook het socio-emotionele aspect komt aan bod. Hierbij zijn de klasleerkracht, de zorgcoördinator en ev. de directie aanwezig.

In het kleuteronderwijs trachten we dit 2x per jaar te verwezenlijken nl. in het tweede trimester en op het einde van het schooljaar. Ook hier zijn de leerkracht, de zorgcoördinator en ev. de directie aanwezig.

Een multidisciplinair overlegof MDO in onze school is een overleg met alle betrokken (externe) partijen. Dit kan zijn: de CLB-medewerker, logopedisten, kinesitherapeuten, psychologen, de GON-begeleider, mensen van de thuisbegeleiding,… Bij zo’n overleg zijn ook de ouders meestal aanwezig. Een MDO kan georganiseerd worden op vraag van school maar ook door één van de andere betrokken partijen.

Onze school heeft een zorgteam dat wekelijks op donderdagnamiddag samenkomt. Naast het GOK-beleid komt ook het zorgbeleid ruimschoots aan bod.

Eén keer per maand is er een overleg tussen de zorgcoördinator en de CLB-medewerker waar zorgleerlingen besproken worden en afspraken gemaakt kunnen worden.

Driemaal per jaar organiseert men op SG-niveau een Stuurgroep Zorg waarin de directies en de zorgcoördinatoren vertegenwoordigd zijn. Hier kunnen alle onderwerpen i.v.m. zorg besproken worden.